Inwoners kiezen eens in de vier jaar rechtstreeks de leden van Provinciale Staten. De gekozen Statenleden vormen het provinciale parlement: zij controleren het dagelijks bestuur van de provincie, kiezen de leden van Gedeputeerde Staten en spelen een belangrijke rol bij de samenstelling van de Eerste Kamer. Hieronder lees je stap voor stap hoe dat werkt.

1. Hoe inwoners Provinciale Staten kiezen

Alle Nederlanders van 18 jaar en ouder die in de provincie wonen en stemrecht hebben, mogen stemmen voor Provinciale Staten. Op de dag van de verkiezingen ga je naar een stembureau met je stempas en legitimatie. In het stemhokje kies je één kandidaat van een politieke partij op de lijst: jouw stem telt mee voor de partij, maar kan ook invloed hebben op welke persoon namens die partij in de Staten komt (via voorkeurstemmen).

De kandidaten die je kunt kiezen staan op de kandidatenlijst van een partij. Partijen bepalen zelf wie er op de lijst komen en in welke volgorde. Vaak staan ervaren politici bovenaan en nieuwe gezichten of specialisten wat lager. Door te stemmen op iemand lager op de lijst, kun je soms toch die kandidaat in de Staten krijgen als die genoeg voorkeurstemmen krijgt.

Voorbeeld: stel dat Partij A in de provincie 10 zetels haalt. Normaal gesproken komen dan de bovenste 10 kandidaten van de lijst in Provinciale Staten. Heeft nummer 12 echter heel veel voorkeurstemmen (boven een wettelijke drempel), dan kan die persoon toch in de Staten komen ten koste van iemand die hoger op de lijst stond.

2. Verdeling van de zetels

Na het sluiten van de stembureaus worden alle stemmen geteld. Eerst wordt per provincie bepaald hoeveel zetels er in totaal te verdelen zijn in Provinciale Staten (dit staat vast: bijvoorbeeld 39, 47 of 55 zetels, afhankelijk van het aantal inwoners). Daarna wordt gekeken hoeveel stemmen er in totaal zijn uitgebracht en wat de kiesdeler is: het aantal stemmen dat nodig is voor één zetel.

Elke partij krijgt vervolgens zoveel volle zetels als het aantal keren dat de kiesdeler in haar stemmen past. De overgebleven zetels (de restzetels) worden verdeeld volgens landelijke regels, zodat de uiteindelijke zetelverdeling zo goed mogelijk aansluit bij het aantal ontvangen stemmen. Hierdoor komt er vaak een mix van grote en kleinere partijen in Provinciale Staten.

Door dit systeem kan het gebeuren dat een partij met net iets meer stemmen toch een extra restzetel krijgt, terwijl een andere partij dat net misloopt. Elke stem kan dus verschil maken voor de uiteindelijke politieke verhoudingen in de provincie.

3. Coalitievorming en het college van Gedeputeerde Staten

In bijna alle provincies haalt geen enkele partij in haar eentje een meerderheid. Daarom moeten partijen na de verkiezingen onderhandelen over een coalitie. Dat is een samenwerking van twee of meer partijen die samen meer dan de helft van de zetels hebben. Deze coalitie vormt de basis voor het college van Gedeputeerde Staten, het dagelijks bestuur van de provincie.

Gedeputeerde Staten bestaan uit de commissaris van de Koning en gedeputeerden (vergelijkbaar met wethouders in een gemeente of ministers in het kabinet). De gedeputeerden worden gekozen door Provinciale Staten uit kandidaten die door partijen worden voorgedragen. Vaak treden Statenleden die gedeputeerde worden uit Provinciale Staten; hun zetel gaat dan naar de volgende kandidaat op de lijst van hun partij.

In een coalitieakkoord leggen de samenwerkende partijen vast welke plannen en prioriteiten ze de komende vier jaar willen uitvoeren. Denk bijvoorbeeld aan afspraken over woningbouw, openbaar vervoer, natuurbeheer of de energietransitie. Provinciale Staten controleren vervolgens of Gedeputeerde Staten zich aan deze afspraken houden.

4. De rol van de commissaris van de Koning

De commissaris van de Koning (CvK) is de voorzitter van zowel Provinciale Staten als Gedeputeerde Staten. De commissaris wordt niet gekozen door de inwoners, maar benoemd door de regering, na advies van Provinciale Staten. De commissaris heeft daarmee een dubbelfunctie: vertegenwoordiger van het Rijk in de provincie én boegbeeld van de provincie richting Den Haag.

Als voorzitter leidt de commissaris de vergaderingen, bewaakt hij of zij het verloop van de besluitvorming en stimuleert samenwerking tussen partijen. De commissaris heeft in Provinciale Staten geen stemrecht, maar speelt wel een belangrijke rol bij het zoeken naar stabiele meerderheden, bijvoorbeeld na lastige verkiezingsuitslagen of als een coalitie uit elkaar valt.

5. Provinciale Staten kiezen de Eerste Kamer

Een bijzonder kenmerk van Provinciale Staten is dat zij indirect de leden van de Eerste Kamer kiezen. Ongeveer twee maanden na de Provinciale Statenverkiezingen brengen alle Statenleden in Nederland hun stem uit voor de Eerste Kamer. Zij stemmen niet op personen, maar op de lijsten van landelijke partijen.

Niet elke stem van een Statenlid telt even zwaar. De stem van een Statenlid uit een provincie met veel inwoners weegt zwaarder dan die van een Statenlid uit een kleinere provincie. Hierdoor is de invloed van drukbevolkte provincies op de samenstelling van de Eerste Kamer groter. Het totaal van al deze gewogen stemmen bepaalt uiteindelijk hoeveel zetels elke partij in de Eerste Kamer krijgt.

Zo zorgen de Provinciale Statenverkiezingen er niet alleen voor dat de provincie een nieuw bestuur krijgt, maar beïnvloeden ze ook de landelijke politiek. De Eerste Kamer beoordeelt immers alle wetten die door de Tweede Kamer zijn aangenomen en kan wetten tegenhouden.

6. Opkomst, vertegenwoordiging en controle

De opkomst bij Provinciale Statenverkiezingen is vaak lager dan bij Tweede Kamerverkiezingen. Toch gaan de besluiten van de provincie over onderwerpen die inwoners direct raken, zoals regionale infrastructuur, natuur, landbouw en de inrichting van het landschap. Hoe meer mensen stemmen, hoe beter de samenstelling van Provinciale Staten de bevolking weerspiegelt.

Provinciale Staten vertegenwoordigen alle inwoners van de provincie en hebben een controlerende taak richting Gedeputeerde Staten. Zij stellen de begroting vast, keuren plannen goed of af en kunnen kritische vragen stellen. Als Statenleden het vertrouwen in één of meerdere gedeputeerden verliezen, kunnen zij een motie van wantrouwen aannemen. In het uiterste geval kan een gedeputeerde dan niet aanblijven.

Daarnaast hebben Statenleden contact met inwoners, organisaties en gemeenten. Ze kunnen bijvoorbeeld werkbezoeken afleggen, inspraakavonden organiseren of burgerinitiatieven bespreken. Zo proberen zij de verschillende belangen in de provincie zo goed mogelijk mee te nemen in hun besluiten.

7. Verschillen met gemeentelijke en landelijke verkiezingen

De manier waarop het provinciebestuur wordt gekozen lijkt op die bij andere verkiezingen, maar er zijn belangrijke verschillen:

  • Gemeentelijke verkiezingen: inwoners kiezen de gemeenteraad. Die controleert het college van burgemeester en wethouders. De gemeente gaat over zaken als jeugdzorg, Wmo-ondersteuning en lokale voorzieningen. De gemeenteraad kiest geen Eerste Kamer.
  • Provinciale verkiezingen: inwoners kiezen Provinciale Staten. Die controleren Gedeputeerde Staten en kiezen de Eerste Kamer. De provincie richt zich op regionale thema's zoals ruimtelijke ordening, regionale economie en natuur.
  • Landelijke verkiezingen: bij Tweede Kamerverkiezingen kiezen inwoners direct de leden van de Tweede Kamer. Die bepalen samen met de regering de landelijke wetten en het nationale beleid. De Eerste Kamer wordt dus niet rechtstreeks, maar via de Provinciale Staten gekozen.

Ook de opkomst verschilt: bij landelijke verkiezingen is die doorgaans het hoogst, gevolgd door gemeenteraadsverkiezingen en daarna Provinciale Statenverkiezingen. Toch hebben alle drie de niveaus veel invloed op het dagelijks leven van inwoners.

Korte samenvatting

Inwoners kiezen Provinciale Staten. Deze Statenleden verdelen de zetels op basis van de verkiezingsuitslag, vormen coalities en wijzen gedeputeerden aan voor het dagelijks bestuur van de provincie. De commissaris van de Koning zit dit bestuur voor en speelt een verbindende rol tussen provincie en Rijk. Daarnaast kiezen Provinciale Staten de leden van de Eerste Kamer. Via deze getrapte structuur hebben Provinciale Staten invloed op zowel het provinciale als het landelijke beleid. Door te gaan stemmen bepaal je dus niet alleen wie jouw provincie bestuurt, maar ook hoe de politieke verhoudingen in Den Haag eruitzien.